24 oktober 1950

24 oktober 1950

Zaken doen:

 

Na rustige overpeinzingen met welk bedrijf een zakenman te Djakarta geld zou kunnen verdienen, besloot de heer F.F.M. Horstink, geboren te Neede (Gld.) dat een moderne was- en strijkinrichting in een behoefte zou voorzien. Verblijf in de tropen noodzaakt tot veelvuldig kleren wisselen.
Wasbaboes gaan met de tijd mee en zijn duurbetaalde krachten in een huishouden. Bovendien valt de Chinese ‘laundries’ langs het gore water van het Djakartaanse Molenvliet wel concurrentie aan te doen, meende Horstink. Hij rekende echter buiten de Chinees, en dit is het verhaal van zijn misvatting.
Horstink vond in Tan Liang Peng een financier, die in een ochtend van de Hongkong Shanghai- Bank een crediet van 200.000 roepiah los wist te krijgen. Horstink bracht goederen in en werd hoofd van een belangengemeenschap van veertien personen, goed voor 214.000 roepiah.
Buiten Djakarta verrees het Indonesische Palthe, een was-en strijkinrichting met een capaciteit van tienduizend stuks per dag.
De totale waarderingswaarde was bij de afbouw gestegen tot 1.154.000 roepiah. Een behoorlijk bedrijf: de NV ‘Clean’. Dat vond de heer Thie Fa Yoeng, die 15 Augustus jl. de fabriek binnenkuierde, ook. En Thie was verheugd al die voorraden zeep, chemicaliën, nieuwe machines en het gehele gebouw het zijne te kunnen noemen. Hij toonde de verbaasde Horstink een nota van een notaris, verleden op 12 December 1949, waarin de financier Tan Liang Peng verklaarde volledig eigenaar van ‘Clean’ te zijn en de gehele was- en strijkinrichting aan Thie te hebben verkocht.
De accountantsbalans toonde op verkoopdatum het cijfer 227.000 roepiah. Tan had de zaak op eigen houtje en wederrechtelijk voor 100.000 roepiah verkocht……….. Even spoedig als Tan zijn crediet los had gekregen van de Hongkong Shanghai bank, had deze bank een strop vrezend, beslag gelegd op de voorraden, machines en chemicaliën. Tan toch had voor zijn crediet van de bank van al de gebouwen de grondrechten en, als vertrouwensman, van alle voorraden de eigendomsrechten overgegeven. De heer Horstink deed bij de politie aangifte van oplichting. Dat bezorgde hem echter vele moeilijkheden! Want op 7 September jl. werd hij van zijn bed gelicht om verantwoording af te leggen over de volgende vragen:
a. Waarom hij een wapenarsenaal in zijn huis had? b. waarom hij zoutzuur in flessen bewaarde? c. waarom hij een portret van president Soekarno had verscheurd? d. waarom hij aan de actie-Westerling meedeed?
Wilde Indianen- overval
Horstink’s arrestatie geschiedde tijdens een soort wilde Indianen- overval, waaraan een dertigtal leden van de Polisi Militer, tot de tanden gewapend en met handgranaten in de vuist, meedeed. Het onderzoek wees uit dat de beschuldigingen, die een handlanger van Tan, in diens tegenwoordigheid had ingediend, in geen enkel opzicht enige waarheid bevatten. De zaak was daarmede echter nog lang niet in het goede spoor terug. De heer Horstink werd ook later nog weer beschuldigd door een mede-directeur. Hij werd vanwege een ‘kastekort’ door financier Tan geschorst. Het kwam tot een faillissement, uiteindelijk vertrok de heer Horstink naar Nederland.

 

Geen reactie's

Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.